Aloys Terbille

Geboren 1936 in Vreden an der deutsch-niederländischen Grenze, aufgewachsen unter den Plattdeutsch sprechenden Ackerbürgern der Kleinstadt. Humanistisches Gymnasium, Lehramts-Studium in Münster, Heilpädagogik und Psychologie in Dortmund, Lehrer an Sonderschulen, Mundartautor.
Seit 1978 Veröffentlichungen von Lyrik und Prosatexten in westmünsterländischer Mundart in Anthologien und Zeitschriften, dazu kleinere Hörfunkbeiträge.
1983 Buch über den Leidensweg der Vredener Juden in den Holocaust: ’Spoor van Lieden allevedan’, das in den Niederlanden erschien und beiderseits der Grenze Beachtung fand. Im Jahre 1997 erschien der Lyrikband ’Welldage’.
1984 Klaus Groth-Preis für niederdeutsche Lyrik von der Stiftung F.V.S. zu Hamburg. 1994 Freudenthal-Preis von Soltau für den Gedichtzyklus ’Een Jaohr un all de annern’.

Vaake spraek ik Hochdütschk,
ümdat de eenen mi verstaoht,
un net so vaake praot ik Plattdütschk,
ümdat de andern mi verstaoht.

Moderspraoke.
Sick sölws un de andern verstaohn.

Aloys Terbille – Op den Akker
Vreden

Geboren in 1936 in Vreden aan de Duits-Nederlandse grens, opgegroeid onder de Platduits sprekende stadsboeren van het stadje. Humanistisch gymnasium, studie voor leraar in Münster, orthopedagogiek en psychologie in Dortmund, leraar aan scholen voor speciaal onderwijs, dialectauteur.
Sedert 1978 publicaties van lyriek en prozateksten in het Westmünsterlands dialect in bloemlezingen en tijdschriften, tevens kleine radiobijdragen.
In 1983 een boek over de lijdensweg van de Joden uit Vreden naar de holocaust: ‘Spoor van Lieden allevedan’, dat in Nederland verscheen en aan weerskanten van de grens veel aandacht kreeg. In 1997 verscheen de gedichtenbundel ‘Welldage’.
In 1984 de Klaus Groth-prijs voor Nederduitse lyriek van de Stichting F.V.S. in Hamburg. In 1994 de Freudenthal-prijs van Soltau voor de gedichtencyclus ‘Een Jaohr un all de annern’.


www.hamaka.nl